RJK in het Nieuws

Rintje te Wies te gast bij Annette Timmer in Podium Noord

Klik HIER om de aflevering te zien

Interview met Rintje te Wies in De-Midweek.nl

Klik HIER omhet interview te lezen

Interview met Rintje te Wies in het blad Vocaal (KCZB) maart / april 2015

In het tweede nummer van 2015 van het blad Vocaal, uitgegeven door de KCZB, stond een interview met artistiek leider Rintje te Wies. Klik HIER om dit artikel te lezen. Klik HIER om de foto op de voorpagina te bekijken.

Het RJK met Maarten Engeltjes te gast bij DWDD

Klik HIER voor de opname.

Interview met Rintje te Wies in Ref. Dagblad - 20 december 2014

Klik HIER voor het interview van Gert de Looze met Rintje te Wies.

Publicatie in de serie 'Staccato' in het katern 'Puntkomma Zaterdag'  van het Ref. Dagblad van zaterdag 20 december 2014.

 

Klik HIER voor de bijbehorende foto van Sjaak Verboom.

Artikel in NRC Handelsblad - 3 december 2014

Op dinsdag 3 december verscheen er een artikel (Mischa Spel) in NRC Handelsblad over de rol van jongenskoren rond kerst. Het interview met Olivier Kemler (RJK), Simon Ero (KBC), Maarten Engeltjes en Rintje te Wies had plaats op dinsdag 18 november in de Obrechtkerk in Amsterdam. Wilt u het artikel lezen: klik HIER.

Klik HIER voor een vergroting van de foto.

Roder Jongenskoor start opleiding in Groningen

Opleidingsplaats Roder Jongenskoor in Prins Claus Conservatorium, Groningen


 

Binnenkort start het Roder Jongenskoor met een nieuwe opleiding voor jongens in de leeftijd van 7 - 9 jaar op een unieke plaats in Groningen. Het Prins Claus Conservatorium biedt het Roder Jongenskoor de gelegenheid om vanaf maart 2014 een opleidingsgroep voor het jongenskoor te starten.

 

De opleiding bestaat uit wekelijkse lessen van 40 minuten waarin de jongens hun zangstem leren ontdekken en spelenderwijs kennismaken met het notenschrift en basisbegrippen uit de Algemene Muziekleer. De lessen worden gegeven door Rintje te Wies, artistiek leider van het Roder Jongenskoor.

 

Op vrijdag 7 en vrijdag 14 februari organiseert het Roder Jongenskoor twee Open Lessen, zodat jongens en hun ouders kennis kunnen maken met de methode en de manier van lesgeven. Belangstellenden zijn van harte welkom in het Prins Claus Conservatorium, Veemarktstraat 76 in Groningen. Deze gratis kennismakingslessen beginnen om 17.00 uur en duren ongeveer 40 minuten.

 

Meer informatie: bel 02 222 19015 (Rintje te Wies)

 

Het Roder Jongenskoor is te beluisteren tijdens de Psalmenvesper op zondag 9 februari in de Martinikerk in Groningen; aanvang: 17.00 uur

Artikel in het Dagblad v/h Noorden - maandag 7 oktober 2013

Een artikel van de Kinderkoren Studiedag in het Dagblad v/h Noorden van maandag 7 oktober 2013

Artikel Open Dag in Dagblad v/h Noorden - september 2012; door Minke Muilwijk

 

Interview met Sonja de Vries en Rintje te Wies

Dagblad van het Noorden

14/09/2012

Door Minke Muilwijk

 

 

Het Roder Jongenskoor is inmiddels een begrip en de Roden Girl Choristers gingen afgelopen zomer ook al op tournee naar Engeland. Professionele kinderkoorzang komt uit Roden. Dat daar een koorschool bij hoort, waar de jeugdige koorzangers worden opgeleid, is minder bekend. Maar hier leren kinderen dus zingen, prachtig zingen, mits ze bereid zijn een inspanning te leveren. Morgen is er een open dag.

 

Sinds de muzikale vorming geen vak meer is op de basisschool, is het met de zangkunst in Nederland treurig gesteld. Wel worden er veelvuldig musicals opgevoerd, maar daar wordt nauwelijks echt in gezongen. Bekende kinderliedjes als Elsje Fiederelsje en De Stoker en de machinist, die kennen kinderen niet meer. “Terwijl het heel basaal is, het zit in ieder mens, om uiting te geven aan emotie, om muziek te maken met elkaar,” zegt Sonja de Vries, artistiek leider van de Roden Girl Choristers en docent Algemene Muzikale Vorming (AMV). “Dit vind ik zelf een van de mooiste dingen van de koren, juist die verschillende leeftijdsgroepen die zich met elkaar inzetten voor iets bijzonders.”

 

De Vries is, samen met Rintje te Wies, de drijvende kracht achter zowel de twee koren als de koorschool in Roden. Die koorschool zorgt voor de nieuwe aanwas van koorleden: na een jaar intensieve training als cymbalist kan de jonge koorzanger, als hij of zij voldoende vorderingen heeft laten zien, doorstromen naar het b-koor, waar hij door nog meer te zingen en te oefenen wordt klaargestoomd voor het a-koor.” Maar dan kún je ook echt iets,” lacht Te Wies, die de Roder Jongens onder zijn hoede heeft. En wie de koren uit Roden heeft horen zingen, die kan getuigen dat dat inderdaad zo is.

 

Daarom is de kooropleiding ook niet vrijblijvend. “Vanuit de jongens heeft dat ook te maken met hun beperkte houdbaarheid,” zegt Te Wies. “Als je iets wilt bereiken moet je in een relatief korte tijd veel met die jongens doen; dat is een gemeenschappelijk basis. Wij hechten veel waarde aan solfège, aan het muzikale voorstellingsvermogen. Het is gewoon training. De jongens raken eraan gewend muziek in hun hoofd te hebben. Memoriseren gaat heel snel, ze zitten in een heel leerbare fase, tussen 7 en 12 jaar, dat maakt ook uit. Daar moet je goed gebruik van maken.” Dat betekent: elke week les en regelmatig oefenen, ook thuis. “Dat lijkt misschien veel, maar het gaat vanzelf, het is beslist geen kadaverdiscipline.”

 

Tegenwoordig moet het al gauw vooral makkelijk behapbaar zijn en niet teveel energie kosten, zegt De Vries. “Maar dan mis je de ervaring van samen een inspanning leveren, boven jezelf uitgetild worden. Wij zijn met het meisjeskoor in Engeland geweest, dat is zo iets samenbindends, een sfeer van elkaar helpen en er voor elkaar zijn, je aan elkaar optrekken, dat is zo waardevol in deze maatschappij. Kinderen krijgen er ook veel zelfvertrouwen door. Veel kinderen die op school niet hun draai weten te vinden, voelen zich wel veilig in deze groep. Iedereen wordt geaccepteerd. Het enige criterium is dat je ervoor gaat. Want dat is het enige wat niet wordt geaccepteerd: dat je je niet inzet.”

Reportage Dagblad v/h Noorden - 8 december 2012; door Minke Muilwijk

Het Roder Jongenskoor maakt zich op voor zijn jaarlijkse serie kerstconcerten. Christmas Carols, daar kennen we ze van: het Glory in the highest, hoog en zuiver tegen de gewelven van de Martinikerk. De jongens repeteren daarvoor zo’n vier keer per week, en dat doen ze met liefde. Een reportage van binnenuit.

 

Ze hebben hun plaats in het koor verdiend; ze zijn opgeklommen van leerjongen in de cymbalistenklas naar probationer, naar volwaardige koorlid. Op de achtergrond gesteund door hun ouders die de do-re-mi’s en ritmeoefeningen met hen deden, en die nu bij gelegenheid nog hun toga’s en superplies strijken. ‘Ze weten dat ze iets goeds brengen. Daar genieten ze van.’

 

Jongenssopraan Ischi Magna (14) zingt dit jaar zijn zevende kerstprogramma op rij met het Roder Jongenskoor. Zijn moeder, Marieke Vormer, verheugt zich er alweer op: ‘Silent Night in processie vanachter uit de kerk. Daar wordt je altijd weer blij van.’ Maar geen jaar is hetzelfde: ‘Je weet niet precies wie wat gaat zingen, welke jongens de soli op zich gaan nemen.’ En zelfs al was het programma in zeven jaar niet gewijzigd: ‘We horen ook elk jaar de Mattheus negen keer. Dat neem je voor lief. Het is de hele sfeer van concentratie, van boven jezelf uitgetild worden soms, waardoor die concerten bijzonder zijn.’

 

Voor Ischi is dit waarschijnlijk zijn laatste concert: zijn stem staat op het punt van breken. Zo gaat dat in een jongenskoor; op enig moment is het afgelopen met het sopraangeluid. ‘Het is een geleidelijk proces’, zegt zijn moeder, ‘Hij wist dat het ging komen. Zijn klankkleur is aan het veranderen. Bij jongens is dat heel helder, bij hem gaat het al meer naar een altgeluid. Er zijn ook jongens bij wie het heel snel gaat. Die zijn opeens tenor of bas. Die blijven dan zingen, maar ze schuiven een rij naar achteren, naar de mannen.’ Ze hoopt dat ook Ischi besluit te blijven zingen. Lachend: ‘Anders wordt het voor mij zo’n overgang straks. Ik denk dat ik het echt ga missen.’

 

Het is een van de dingen waardoor de dynamiek in een jongenskoor zoveel anders is dan in een gewoon kinderkoor of in een meisjeskoor: er is een behoorlijk verloop in de bezetting. Het koor heeft een doorlooptijd van drie, vier jaar, en dan moet er weer een nieuw koor staan. En die nieuwe groep jongens moet het in dezelfde korte tijd ook weer waarmaken, dat hoge niveau van zingen. Dat dit telkens weer lukt is de verdienste van Rintje te Wies en Sonja van der Linden, van wie de jongens hun opleiding krijgen. Hun koorschool voorziet in ouderwets gedegen muziekonderwijs, met veel aandacht voor solfège, ademhaling en stemvorming. De opleiding duurt ongeveer een jaar, en in dat jaar moet er thuis heel wat geoefende worden. Dat doe je dus niet als je niet van zingen houdt. ‘Je moet het vooral echt leuk vinden’, benadrukt hoofdleider Jeroen Buisman (15). Anders heb je geen zin om te studeren. Ik oefen dus veel.’

 

 ‘Wij zijn gewoon heel erg goed’, licht hoofdsolist Twan van der Wolde (11) toe, zonder een spoortje van valse bescheidenheid. ‘Daar moet je veel voor oefenen. Maar als je graag zingt, dan gaat het ook vanzelf.’

 

‘Die jongens schrikken nergens meer van’, zegt Elsbeth Vonkeman, moeder van Date Mollema (13). ‘Engelse psalmen, bijvoorbeeld, die hebben een heel andere muzieknotatie dan wij gewend zijn. Dan zegt Rintje: ‘potlood’, en dan wordt die partij eventjes betekend. En dan zie je ook altijd de grote jongens de kleine jongens wijzen hoe het moet.’

 

En het joelen en keetschoppen dan, wat jongens onder elkaar toch nogal eens plegen te doen? Jeroen, bedachtzaam: ‘Herrie maken, dat kunnen we wel, maar het is een goede afspraak om dat niet te doen. Het gebeurt dan ook niet. Op dinsdag repeteren we een uur en op donderdag vijf kwartier. Dan wordt er gewoon gewerkt. Maar een grapje kan wel.’

 

Dat leren ze daar dus ook: op momenten dat het ertoe doet, dan moet je focussen. ‘Ze weten: nu moet ik presteren’, zegt Elsbeth Vonkeman. ‘En dat doen ze dan. De grootste druktemakers staan in het koor gewoon stil. Daar zijn ze naar elkaar toe heel streng in: niet frunniken. Niet omdat het allemaal heilige boontjes zijn, maar omdat ze een drive hebben. Het gevoel van ‘wij doen iets goeds’, dat is heel groot. Je staat versteld van wat er soms gebeurt tijdens concerten. Ze staan op de grootste podia van Nederland. Maar ze hebben een deal gesloten met de dirigent: zo gaan ze het doen. Dat willen ze zelf; wij zijn echt geen tijgermoeders.’

 

 ‘Je hebt gewoon bepaalde regels en daar houd je je aan’, vat Marieke Vormer bondig samen. ‘Je zingt een uur en daarna mag je voetballen. Dat is een heel duidelijk structuur, daar hebben veel jongens baat bij. Ze worden serieus genomen. Dat is echt leuk, dat past bij hen. Dus ze klieren niet, tijdens de repetitie. Ze krijgen verantwoordelijkheid en nemen die dan ook. En als je dat meekrijgt in de opvoeding, dan is dat gewoon hartstikke goed voor je.’

 

De hele taakverdeling in het koor is daarop gericht: de jongens hebben verantwoordelijkheid voor elkaar. Dat hoort erbij. En de koorleiders worden geacht daar een rol in te spelen, vertelt Twan: ‘De hoofleider moet erop letten dat de jongens bij een concert op tijd meekomen. Die moet het overzicht houden. De hoofdleider heeft een rood lint, de leiders van de decani (hoge sopranen) en de cantores (mezzosopranen) een blauw. Die zorgen dat alles in orde is in hun groep.’ De koorleiders moeten ook wel eens vergaderen met Rintje’, vult Vonkeman aan, ‘dat is wel stoer. En bij audities moeten de jongens het aspirantlid mee beoordelen. Rintje is heel erg van de waarderende benadering: wat vonden jullie goed, waar moet hij nog aan werken? De hoofdleider heeft hier een expliciete rol in: hij is de eerste die iets mag zeggen. Maar positief kritisch, daar worden ze echt op getraind. Ze spreken er ook over als 11- en 15-jarigen onder elkaar. Met respect, want toen zij zelf klein waren, toen zorgden de oudere jongens ook voor hen.’

 

Zo kent het koor een aantal rituelen. Een jongen die als probationer mag gaan meezingen, krijgt een rood poloshirt met in koeienletters ‘Roder Jongenskoor’ erop en een blauwe trui met dezelfde tekst. En als je eenmaal zo’n trui hebt, dan ben je one of the guys. ‘Het is een soort erecode’, zegt Vonkeman, ‘Daar heb je je naar te gedragen. De oudere jongens nemen de nieuwe jongens mee, letterlijk en figuurlijk. Zo wordt het stokje doorgegeven.’

 

En dan zijn er de vast afspraken: geen cola voor het concert (vanwege het boeren), en geen melk (vanwege de slijmvorming). De jongens moeten flink eten, want zingen is een zeer inspannende hobby. En goed drinken, want zingen is ook dorstig werk. In de pauzes staan ze natuurlijk in een rij voor de wc. ‘Ze krijgen aangeleerd dat ze zelf hun toga moeten aantrekken en zelf hun toga na het concert op een hanger moeten doen en bij Sonja brengen. Ze leren om die concerten heen dus ook heel veel gedrag. Er gaan alten een paar ouders mee, maar die mogen niet helpen, dat doen de jongens zelf. En op een gegeven moment staan ze allemaal op een rij voor Sonja om hun haar te laten fatsoeneren. En dan wordt de opstelling afgesproken. Op een zeker moment komt er de concentratie, de rust in de hoofden. Als ze hun toga aanhebben, dan zijn ze in de plooi. Dan weten ze wat hun te doen staat.’

Roder Jongenskoor op Facebook

Sinds 5 december heeft het Roder Jongenskoor een eigen Facebookpagina. Hierop komen regelmatig nieuwtjes, foto's, posters van concerten e.d. te staan. Deze pagina is te vinden op: https://www.facebook.com/RoderJongenskoor

Door deze pagina te 'liken' wordt u facebook vriend van het RJK.

Roder Jongenskoor op Twitter

Sinds kort is het Roder Jongenskoor ook te volgen op Twitter. Volg de laatste nieuwtjes en aankondigingen van bijzondere activiteiten van ons op: https://twitter.com/RoderJongenskoo